WISPER - interview Eva De Mulder

Een graag en veel geziene gast in Destelheide is WISPER, een organisatie die artistieke vormingen in zowat alle kunstdisciplines aanbiedt voor volwassenen. Wij spraken met Eva De Mulder, al vijftien jaar de trouwe theaterkracht van WISPER en iemand die ondertussen alle hoekjes en kantjes van Destelheide kent.

WISPER komt met de LUX-weekends naar Destelheide. Wat betekent het LUX-label juist?

Eva De Mulder: “LUX-opleidingen zijn de meerjaarlijkse cursussen in dans en theater die WISPER aanbiedt. Het zijn intensieve opleidingen waarin we een groot engagement vragen van de deelnemers. Gedurende meerdere weekends werken we zowel actief als meer beschouwend rond theater of dans. Er komt ook huiswerk bij kijken en de deelnemers worden persoonlijk gecoacht.”

Hoe ziet de LUX-opleiding theater er uit?

“Het eerste jaar bestaat uit tien weekends waarin we alle mogelijkheden van het medium theater onderzoeken, terwijl we in het tweede jaar meer op zoek gaan naar het eigen verhaal en de noodzaak van de deelnemer om rond theater te werken. In het derde jaar, dat niet in Destelheide plaatsvindt, werken we met een regisseur aan een voorstelling. Het vierde jaar tot slot herneemt enkele thema’s uit de eerste jaren, zoals werken in de stijl van Grotowski of Stanislavski, diept deze verder uit, vult aan met nieuwe thema’s  en blikt terug op het parcours van iedere afzonderlijke deelnemer.”

Heb je ervaring nodig om je hiervoor in te schrijven? En waar belanden de afgestudeerden?

“We starten met een heel heterogene groep mensen. Echte ervaring is niet vereist, wel veel ‘goesting’ om te experimenteren. Er zijn zowel deelnemers bij die al enkele cursussen gevolgd hebben als echte beginners. Het niveau waarop men binnenkomt maakt niet uit, we proberen iedereen vanuit zijn startniveau steeds enkele stappen verder te duwen. Er zijn geen vastgelegde eindtermen zoals in het onderwijs (lacht). De deelnemers die de vier jaren doorlopen hebben, gaan ook heel verschillende richtingen uit. Er zijn mensen die in het onderwijs werken en daar met hun leerlingen aan de slag gaan, anderen gaan spelen of regisseren bij een amateurgezelschap, sommigen richten eigen theatercollectieven op en er zijn ook enkelingen die naar een professionele theateropleiding doorstromen.”

Naast het lesgeven ben jij ook verantwoordelijk voor de organisatie van de cursussen en de zoektocht naar andere docenten. Hoe pak je dat aan?

“Er zijn veel docenten die zichzelf aanbieden, maar daarnaast ga ik ook scouten naar geschikte freelancers. Ik heb goede contacten met de Toneelacademie Maastricht – waar ik zelf studeerde – en kom in OPEK waar WISPER Leuven gehuisvest is ook geregeld jonge acteurs tegen van LUCA Drama, sommigen onder hen lopen ook een stage bij WISPER. Daarnaast zijn er ook ‘gevestigde waarden’ die we geregeld vragen, zoals Steven Beersmans en Annelore Stubbe. Van hen weten we dat ze naast straffe kunstenaars ook goede docenten zijn.”

“In een eerste gesprek met nieuwe docenten toets ik altijd af hoe graag ze ‘de lerende mens’ zien. Er zijn heel wat kunstenaars die les geven omdat dit nodig is voor hun inkomen, maar in mijn team docenten wil ik echt mensen die ‘de lerende mens’ fantastisch vinden en gebeten zijn om met hun kennis anderen verder te brengen. Bij nieuwe docenten ga ik ook geregeld kijken naar de lessen die ze geven en coach ik hen hierin.”

Naast docent ben je ook zelf regisseur. Vertel ons eens wat meer over je eigen artistieke ei?

“Altijd een moeilijke vraag (lacht). Ik was er altijd al uit dat ik graag docent wilde worden, maar de zin om ook als regisseur actief te zijn, is pas tijdens mijn opleiding in Maastricht ontstaan. Ik heb in de jaren daarna bij verschillende amateurgezelschappen geregisseerd, maar ik wist niet zo goed waarom ik dat deed... Er zijn immers al zoveel mensen die zoveel mooie voorstellingen maken. Toen ben ik er mee gestopt. De twee jaar daarna was ik zo vies gezind geworden in het leven. Pas toen ik besefte dat dit kwam omdat ik zelf niets meer ‘maakte’, ben ik opnieuw gaan regisseren. Ditmaal niet meer bij gezelschappen die mij vroegen, maar met Mamuze, het gezelschap dat ik oprichtte samen met mensen die ik ontzettend waardeer. We maken stukken uit noodzaak, omdat we een verhaal heel graag nu willen vertellen. Vorig jaar hebben we de voorstelling ‘Meinhof’ gemaakt, omdat we erg kwaad waren op wat er in de maatschappij allemaal aan het gebeuren was. Dit jaar creëerden we ‘This is not a love song’ omdat de mens toch een schattig wezen is en dat we elkaar toch vooral graag moeten zien. Ik heb de combinatie van doceren en regisseren echt nodig. Als ik geen eigen stukken kan maken, dan kan ik mijn gal niet kwijt en word ik een lastige mens (lacht).”

Bestaat er zoiets als dé WISPER-methodiek?

“Jazeker. Jan De Braekeleer, onze coördinator, schreef deze neer. De visie van WISPER gaat enerzijds over begeleidershouding en anderzijds over artistieke creativiteitsontwikkeling, vakoverschrijdend dus. Bij het eerste aspect zijn veiligheid, vrijheid, inzicht bieden, bekrachtiging en modelling – de invloed die je als docent hebt op de sfeer, energie en concentratie van een groep – erg belangrijk. Bij het tweede aspect vragen we ons af wat een mens creatief en artistiek maakt. Hier gaat het over het omgaan met het vak, met jezelf, met anderen, met ideeën en met de wereld. Voor een uitgebreidere uitleg verwijs ik graag door naar onze publicaties hierover (lacht).”

Heb je in je vijftien jaar bij WISPER veel zien veranderen?

“In het begin deden we nog veel creastages binnen het onderwijs. Er waren periodes dat ik non-stop in Destelheide verbleef om les te geven: tijdens de week met de creastages en in het weekend met de LUX-opleidingen. Ik ken al het personeel van Destelheide ondertussen goed, en zij weten dat ik het liefst puree eet (lacht). Ondertussen is WISPER opgeschoven van een brede organisatie naar een veel meer kunstgerichte organisatie. Persoonsontwikkeling en het stimuleren van creativiteit blijven belangrijk, maar het artistieke staat tegenwoordig voorop. Dat zie je ook aan de docenten waarmee we werken: vroeger konden dit ook ervaren docenten uit het jeugdwerk zijn, terwijl we nu echt met actieve kunstenaars aan de slag gaan.”

“Daarnaast is WISPER veel groter geworden, doordat WISPER Leuven fuseerde met het ICVA in Gent en daar ook een WISPER-afdeling opende. Ondertussen zijn er ook cursussen in Antwerpen. Het was een boeiende zoektocht om met deze groeiende organisatie en met twee kantoren in Gent en Leuven toch inhoudelijk op dezelfde lijn te blijven. Ik denk niet dat we plots in heel Vlaanderen actief zullen kunnen zijn. We zouden onze sterkte, nl. dat we de omgeving en de deelnemers erg goed kennen, hierdoor kunnen verliezen.”

Maar ondertussen veroveren jullie met WISPER toch maar mooi het buitenland.

“We gaan al zo’n twintig jaar met onze zomercursussen naar een oud klooster in Zuid-Frankrijk. Net zoals in Destelheide duik je er onder in een creatieve bubbel waarin je afgesloten bent van de buitenwereld. Anderzijds ga ik deze zomer ook een WISPER-cursus geven in Berlijn, waar het net gaat om de inspiratie die de wereld je biedt.”

Deze zomer hebben jullie ook ruilcursussen waarbij deelnemers iets in ruil mogen geven voor de workshop die ze bij jou volgen. Wat zou je graag aangeboden krijgen in je zotste dromen?

“Dan zou ik het leuk vinden dat iemand me een paardrijles aanbiedt, want dat zou ik graag eens willen leren. Wat ik ook fijn zou vinden is als iemand tegen me zegt dat ik een uurtje neer mag gaan liggen en me ondertussen teksten van mijn favoriete schrijver Tom Lanoye voorleest. Mensen met een luchtballon mogen zich ook altijd aanbieden op deze cursus. Of misschien nog het liefst van al: iemand die een huisje in het buitenland heeft en dit een week aan het WISPER-team wil aanbieden!”

Komt voor elkaar!

Filip Tielens

www.wisper.be